New Yong Hai

Het gebeurt niet vaak, maar als wij eten bestellen van de Chinees zijn het altijd dezelfde gerechten: foe yong hai met kip, babi pangang en bami goreng. En elke keer bak ik zelf nog even de bami goreng op, met sambal trassi bai en een beetje ketjap manis. Met de foe yong hai moet ik eerst een minuut of wat kliederen: ik peuter de paddestoelen er altijd uit, die zijn voor Lientje want ik moet ze niet. De dikke stukken prei lusten we allebei niet.

De laatste keer dat wij Chinees aten – een maand of drie geleden – nam ik mij voor om zelf een keer foe yong hai te maken, maar dan Slomo style. Een beetje meer gekruid, en sowieso zonder paddestoelen (en zonder piepende prei). En ik heb mijzelf overtroffen want na een aanloop van slechts 3 maanden is het zover: Slomo is al een week omeletten aan het bakken…

“Hier mop, moet je proeven…”
“Wat is dat?” vraagt ze, loerend naar het bordje met mijn eerste probeersel.
“Proef!”
Lientje neemt een hapje van de dikke, met saus bedekte omelet, kauwt even en ‘slik,’ al weg al.
“Ja, lekker,” zegt ze. “Mag ik nog een hapje?”
“Tuurlijk, maar dan moet je wel proeven he, niet hap-slik-weg doen.”
En daar gaat hapje nr. 2 ook rap de pijp in.
“Nou?” vraag ik.
“Ja, lekker hoor.”
“O, je vindt het dus niks.” Ik kijk er quasi beledigd bij.
“Huh?,” reageert Lientje verbaasd, “ik zei toch lekker?”
“Jij zegt altijd ‘fantastisch’ als je iets nieuws echt lekker vindt, en nu zeg je dat met opzet niet.”
Mopje heeft niet door dat ik haar in de maling aan het nemen ben, mijn gezicht blijft strak in de plooi als ik verder ga met mijn ik-moet-ongesteld-worden-en-ben-een-drama-queen act.
“Je doet de hele dag al anders,” zeg ik en trek een verongelijkt gezicht.
Lien staart mij aan met grote ogen, ze zoekt naar woorden.
Ik doe er nog een schepje bovenop: “Ik voel een afstand, je houdt niet meer van mij he?”
En dan heeft ze het door. “A joh, sukkel!” Ik krijg een stomp en dan grijpt ze naar mijn bordje.
“Hohoho,” zeg ik, “vertel ‘ns, hoe is de saus dan?”
“Lekker,” zegt Lientje, “net als van de Chinees.”
“Shit,” denk ik, dat was nou net niet de bedoeling want ik wil niet kopiëren. Mijn saus moet minder zurig en minder zoet.
Ik pluk de vork uit haar hand en verdwijn richting keuken.
“Hee, waar ga je nou heen?” roept Lientje mij verontwaardigd na. Zij had waarschijnlijk bedacht dat ze het helemaal op mocht proeven. Maar ik antwoord niet, ik snij de bovenste laag van de omelet af en gooi het met de aanklevende saus in de biobak. Het kommetje met de saus kieper ik in de gootsteen, ik maak even een aantekening op mijn recept en schep vervolgens wat saus uit een ander kommetje. Ik loop de kamer weer in.
“Hier mop, moet je proeven…”

En zo gaat het al een week: Slomo bakken, Lientje proeven, sausje wegdonderen, aantekening maken en opnieuw beginnen.
Die kip, of eigenlijk de smaak ervan, had ik al snel voor elkaar, dat was niet echt moeilijk. Maar met die saus ging het iets moeizamer. De rest van de vulling was een makkie: rebung, tauge en bosui. Simpel.

Maar goed, eigenlijk is het aan jullie om te beoordelen of het gelukt is. Dus ik zeg: “Maken, proeven en geef vooral commentaar.”

En dan nu de benodigde ingrediënten voor deze New Yong Hai die eigenlijk New Yong Kai zou moeten heten want met kip:

Hoofdstuk 1, de omelet en vulling:
4 eitjes
2 kipfilets (je hebt straks ca 300 gram plakjes kip nodig en per omelet gebruik je ongeveer 50 gram)
ca 30 gram bamboo shoots (rebung), formaat lange lucifer
ca 10 gram groene stengel van bosui in ringetjes gesneden
ca 30 gram tauge
1 rode lombok

Boemboe:
1 klein sjalotje (gepeld = 20 – 25 gram)
2 teentjes knoflook
halve theelepel ketoembar
iets minder dan een kwart theelepel djinten
kwart theelepel koenjit
kwart theelepel laos
halve theelepel trassi
3 theelepels sambal badjak
kwart theelepel assem (keukentamarinde in een potje)
half blokje kipbouillon
beetje versgemalen peper
iets meer dan de helft van een kwart theelepel kentjoer

Note: met de hoeveelheid kip kun je meer dan 1 omelet maken (minstens 4) en dat geldt in mindere mate ook voor de tauge en rebung. En als je net zo’n grote zak met bosui hebt als ik, kun je daar wel 20 omeletten mee vullen, maar dat terzijde.

Stap 1
Snij ca 300 gram dunne plakjes van de kipfilets en bewaar ze even in een bakje.

dunne plakjes kiep
Dunne plakjes kiep.

Stap 2
Alles voor de boemboe fijnwrijven/fijnmalen in de cobek/blender. Boemboe fruiten in 6 theelepels olie gedurende anderhalve minuten op niet al te hoog vuur: de boemboe mag een klein beetje pruttelen maar zeker niet spetteren. Vervolgens mik je de plakjes kip erbij en dan nog anderhalve minuut bakken (het vuur kan ietsje hoger nu) terwijl je ervoor zorgt dat alle plakjes wit worden. Hup, gas uit, schep alles in een grove zeef en laat ’t uitlekken gedurende 30 tellen. Schud de zeef een beetje opdat het meeste vocht weg kan. De bedoeling is echter dat er nog wel wat boemboe aan de kipjes blijven kleven. Bewaar ze in een bakje, straks gaan we ermee verder.

gebakken kipjes
Het meeste vocht weggezeefd, maar toch nog voldoende boemboe op de plakjes.

Stap 2
Leg de lombok in een bakje en schenk er kokend water op, laat het 3 minuten staan (lombokje moet eigenlijk helemaal kopje onder) en daarna spoel je de lombok af met koud water en snij je ‘m in halve ringetjes. Gooi de bamboo shoots in een zeef en spoel ze met koud water. Uit laten lekken en vervolgens nog droger maken m.b.v. keukenpapier. Snij ca 10 gram ringetjes van het groene blad van de bosui. Maak de tauge schoon (staartjes en zaadlobben eraf) en spoel de tauge met veel en koud water (en was je handen). Leg de tauge die je gaat gebruiken op keukenpapier want het moet zo droog mogelijk worden, de rest van de tauge bewaar je in een bakje met koud water (in de koelkast en met deksel op het bakje).

Stap 3
Pak een maatbeker (of zoiets) en mik de 4 eitjes erin. Evenzo de ringetjes lombok en bosui, bamboe strips, tauge en zo’n 50 gram plakjes kip. Hussel de hele bende een beetje door elkaar en ga verder met stap 4.

Note: Weliswaar heb ik aan het begin van het recept geschreven hoeveel van alles moet, maar eigenlijk moet je dat lekker zelf weten. Je komt er vanzelf wel achter wanneer je teveel van alles hebt want dan mislukt je omelet.

Stap 4
Pak de wadjan, zet ‘m op de grootste pit met gas op standje halfhoog, wacht een minuut en schep er 6 eetlepels (zonnebloem) olie in. Wacht 1 minuut om de olie op temperatuur te laten komen en schenk de eikluts-bende in de wadjan. De buitenste rand van de omelet in wording stolt het snelst en je moet met een vork proberen om telkens een stukje van de rand naar het midden duwen. Het binnenste gedeelte van het ei loopt dan naar de buitenkant en dat kan dan ook stollen. Zorg er ondertussen wel voor dat de kipjes, tauge, rebung, bosui en lombok een beetje verdeeld blijven en dus niet allemaal op een kluitje liggen. Na ongeveer een minuut zet je het gas uit en verplaats je de wadjan naar de op 1 na kleinste pit, gas op standje laag. Klap nu de omelet dubbel (het is mij een raadsel hoe jij dat gaat doen maar ik wens je in ieder geval veel succes), strooi er zout en peper op (naar smaak, maar hou er rekening mee dat je straks ook op de andere kant van de omelet nog zout en peper gaat strooien), doe het deksel op de wadjan en laat het zo 2 tot 3 minuten staan. Daarna keer je de omelet om en laat je ‘m wederom 2 tot 3 minuten staan (met deksel).

Note: die 2 tot 3 minuten is een indicatie, het zal wel duidelijk zijn dat hoe langer je ‘m zachtjes door laat sudderen, hoe harder de omelet wordt. En dat dubbelklappen is natuurlijk niet verplicht.

platte omelet
Ook lekker op brood!

Stap 5
Schep de omelet met de kant die je als laatste hebt gebakken naar boven op een bord of schaal, strooi er wat zout en peper op, giet er wat saus overheen (niet gelijk verzuipen die omelet, gewoon een beetje) en strooi er wat ringetjes bosui op. Hatsikidee, New Yong Hai is klaar! Eet smakelijk.

New Yong Hai
Fan-tas-tisch!

Okee, en dan nu de saus…

Ingrediënten:
25 gram boter
15 – 20 gram kleingesneden sjalot
1 teentje knoflook, fijngesneden
4 eetlepels Chinese bakgember
anderhalve theelepel sambal oelek
1 pak gezeefde tomaten (tomato passata) van 500 gram
1 theelepel djahe
half blokje kipbouillon, verkruimeld
1 eetlepel ketjap manis
2 theelepels rijstazijn
4 theelepels kristalsuiker
Een kommetje met een Maizena-papje: 2 theelepels Maizena vermengd met 2 eetlepels koud water

Chinese bakgember
Chinese bakgember, gekocht bij de toko.

Bereiding:
Fruit de stukjes sjalot in de boter gedurende 1 minuut op niet al te hoog vuur en voeg dan de fijngesneden knoflook toe en ook de sambal oelek en bakgember. Bak alles (nog steeds op gematigd vuur) nog 1 minuut – alsmaar omscheppen die bende – en voeg dan de gezeefde tomaten toe. Goed roeren en dan de djahe erbij. Wederom goed roeren en dan een verkruimeld half blokje kipbouillon erbij. Goed roeren en dan toevoegen:

4 theelepels kristalsuiker
1 eetlepel ketjap manis
2 theelepels rijstazijn

breng alles al roerend aan de kook en mik dan het Maizena-papje erbij (als je dat papje al van tevoren had gemaakt, moet je het in het kommetje nog even losroeren want het klontert nogal snel). Laat de saus nog zachtjes aan de kook gedurende 1 minuut terwijl je alsmaar roert, daarna gas uit, saus overgieten in een bak of kom en klaar ben je.
Makkie!

P.S. De saus blijft in ieder geval nog 3 dagen goed als je ‘m bewaard in een afgesloten bak in de koelkast.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

40 reacties

  1. Ik gebruik dit recept als basis Rode gembersaus:

    voor een halve liter:
    3 eetlepels suiker 4 el citroensap
    2 lomboks 4 el maizena
    2 1/2 cm gember peper, zout
    6 el zoete ketjap 1 fles ketchup ongeveer

    Suiker in de pan al schuddend kastanjekleurig laten kleuren.
    Deksel er schuin opzetten, 500 ml water toevoegen.
    Lombok en gember in kleine reepjes snijden, toevoegen met de ketchup,
    ketjap en citroen.
    Koken tot de gember zacht is, maizena aanroeren metwater en saus binden.
    Op smaak maken met peper en zout en evt. suiker als je het te scherp vindt.

  2. Theo de Jong

    Broodje Foe Yong hay. Dat verkochten ze 30 jaar geleden In Utrecht aan de Nieuwe Gracht. Charlie Chu . Een soort mac Donalds op zijn oosters.

    • Charlie Chiu (dat moet een woordgrap zijn, denk je niet?) Google vertelt dat ze nog in Overvecht zitten.

      Grrrroet van Sjoerd

      • Theo de Jong

        Ja veroest. gevonden. Zie je wel. Sinds 1985. Bedankt man. Vraagje. Ik gebruik altijd tamarinde ( assem ) van zo ’n blok dat je vloeibaar moet kneden met water. Is er nou verschil met “mijn ” tamarinde en keukentamarinde uit een potje? En ik heb hier een prisma pocketboek voor indonesisch te koken uit 1951 . Daar staat ajam setan in. En dat is lekker joh. En heel simpel. Met 10 lomboks of 10 eetlepels sambal. ( lekker voor Lientje : ) Maar ik gebruik gewoon heel veel minder sambal. ( van de oosterse prins en koningsvogel ) Is met knoflook uien sambal assem veel mosterd en ketjap. Lekker met rijst maar ook met friet.

        • Theo de Jong

          Oh Sjoerd. Ik heb wel wat overdreven Ajam Setan moet met 10 lomboks of een volle eetlepel sambal ulek. De prisma pocket over Indonensisch koken is ook minder oud . Die is uit 1963 .J.A. van Hoek en A.W. Holthaus en het boekje heet “Het beste uit de Oosterse keuken”. Da ’s waar ook. Ik zie hier gerechten uit India en Syrië. ( dadel of vijgentaart uit Syrië. ) ( Dehli Fruit salad uit India) Oh . Ook Japanse dingen. Maar het meeste is toch Indonesisch. Nou ja. Soedah. Groetjes Theo ( ex-Leerdammer : )